Nabestaandenpensioen, wat gaat er veranderen?

Nabestaandenpensioen, wat gaat er veranderen?

12-07-2022

Wat is het nabestaandenpensioen?
 
Het nabestaandenpensioen bestaat uit een partnerpensioen en wezenpensioen. Dit wordt uitgekeerd als een deelnemer in de pensioenregeling overlijdt. Het nabestaandenpensioen is een onderdeel van de totale pensioenregeling. 
 
De veranderingen op een rij!
 

Nu lopen nabestaanden het risico dat het inkomen sterk afneemt als de werknemer overlijdt. Om dat risico vóór de pensioendatum te verkleinen en om het nabestaandenpensioen minder complex te maken, zijn er verschillende veranderingen voorgesteld. De verschillen tussen het huidige en nieuwe pensioenstelsel zetten we hieronder even voor je op een rij:

  1. Hoogte nabestaandenpensioen. Dit is misschien wel de belangrijkste verandering. Dat wordt straks standaard een vast percentage van het laatst verdiende salaris. Het partnerpensioen mag in de nieuwe regeling maximaal 50% van het salaris zijn. Het wezenpensioen mag maximaal 20% van het salaris bedragen;
  2. Dienstjaren geen invloed op hoogte nabestaandenpensioen. In het nieuwe pensioenstelsel is de hoogte van het nabestaandenpensioen diensttijdonafhankelijk. Hoe lang een werknemer in dienst is, heeft geen invloed meer op de hoogte van het nabestaandenpensioen;
  3. Risicobasis in plaats van opbouwbasis. De manier waarop het nabestaandenpensioen wordt gedekt, gaat ook veranderen. In het nieuwe pensioenstelsel is het nabestaandenpensioen alleen nog maar op risicobasis. Dat betekent dat het nabestaandenpensioen alleen is verzekerd zolang er sprake is van een dienstverband. Na uitdiensttreding is er geen dekking meer;
  4. Geen dienstverband, toch (tijdelijk) meeverzekerd. Het nabestaandenpensioen wordt in het nieuwe pensioenstelsel verzekerd op risicobasis. Hierdoor kan het gebeuren dat de nabestaanden onvoldoende verzekerd zijn als de verzekerde op het moment van overlijden niet meer in dienst is en ook nog niet met pensioen is. Om dat risico te beperken, is een aantal extra verplichtingen opgenomen in de wet. 
  5. Duidelijkheid over de definitie partner. Het partnerpensioen gaat straks gelden voor alle partners waarbij er een vaste definitie is van het begrip ‘partner’. Dit is de echtgenoot of echtgenote, de geregistreerde partner of de meerderjarige persoon waarmee een gezamenlijke huishouding wordt gevoerd. Aan die laatste zijn nog wel diverse voorwaarden verbonden;
  6. Standaardisatie in het wezenpensioen. Het wezenpensioen verandert ook. Nu hebben pensioenregelingen verschillende leeftijdsgrenzen, van 18 tot 30 jaar. De standaard wordt dat het wezenpensioen wordt uitgekeerd tot de leeftijd van 25 jaar. De hoogte van het wezenpensioen is maximaal 20% van het salaris, of er is sprake van ‘dubbele wezen’ waarbij beide ouders niet meer in leven zijn. Dan is het wezenpensioen maximaal 40% van het salaris;
  7. Nog wel Anw-pensioen mogelijk. Een aanvullend Anw-pensioen (tijdelijk partnerpensioen tot de AOW-datum van de partner) blijft mogelijk en kan nog steeds onderdeel uitmaken van de totale pensioentoezegging.  

Maatwerk

Het wijzigen van de huidige pensioenregelingen naar het nieuwe pensioenstelsel moet tussen 2023 en 2027 gebeuren. Dit lijkt een lange periode, maar toch is het goed om op tijd met ons in gesprek te gaan. Voor elke werkgever is de situatie anders en elke overgang is maatwerk. 
 
Aantrekkelijke werkgever
 
Pensioen is een van de belangrijkste arbeidsvoorwaarden voor werknemers. De veranderingen bieden jou als werkgever mogelijk kansen om een goede pensioenregeling aan te bieden, inclusief goed nabestaandenpensioen. Zo blijf je een aantrekkelijke werkgever!